Welke bedragen en fases gelden in 2028?
De SDE++ kent vijf fases met oplopende drempelbedragen per vermeden ton CO₂. Fase 1 start rond €125/ton en is beschikbaar voor de meest kostenefficiënte technieken zoals windenergie op land en grote zonneparken. Fase 2 (circa €150/ton) is geschikt voor middelgrote zonne- en warmte-installaties. Fase 3 (€225/ton) dekt technieken met hogere technische complexiteit, zoals geothermie en biogas-upgrades. Fase 4 (€300/ton) en fase 5 (€400/ton) zijn voorbehouden aan grootschalige, kapitaalintensieve projecten zoals waterstofproductie, CO₂-afvang en -opslag, en industriële elektrificatie.
De hoogte van je jaarlijkse uitkering hangt af van het verschil tussen je basisbedrag (vastgesteld per techniek) en de marktwaarde van energie. Bij hoge elektriciteitsprijzen daalt je SDE++-subsidie; bij lage prijzen stijgt deze tot het basisbedrag. De regeling loopt 12 jaar voor zonne- en windprojecten, 15 jaar voor meeste andere categorieën. Met een totaalbudget van €8 miljard zijn er duizenden toekenningen mogelijk, mits projecten kostenefficiënt en technisch haalbaar zijn.
- Fase 1: €125/ton — windparken, grote zonnevelden
- Fase 2: €150/ton — middelgrote zon, warmtenetten
- Fase 3: €225/ton — geothermie, biogas, aquathermie
- Fase 4: €300/ton — industriële warmtepompen, restwarmte
- Fase 5: €400/ton — waterstof, CCS, elektrische boilers