Wat maakt een maakbedrijf aantrekkelijk voor subsidie?
Maakbedrijven vinken de meeste vakjes af die subsidiegevers zoeken: eigen R&D (nieuwe producten/processen), kapitaalintensieve investeringen (machines, robotisering, energie-installaties), exportpotentie en CO₂-reductie via procesverduurzaming. Het Nederlandse industriebeleid — via Topsector HTSM, Smart Industry en de Nationale Industriestrategie — kanaliseert structureel honderden miljoenen naar deze groep.
Wie valt onder "maakbedrijf"? Praktisch: alle bedrijven met SBI-code 10 t/m 33 (voedingsmiddelen tot reparatie van machines). De sectorpagina maakindustrie geeft een uitgebreider beeld per branche.
- SBI 10–33: voedingsmiddelen, metaal, machines, elektronica, transportmiddelen
- R&D-intensief — WBSO + Innovatiebox vaak vanzelfsprekend
- Kapitaalintensief — EIA, MIA/Vamil op machines
- Exportgevoelig — DHK, SIB, PIB bovenop landelijke regelingen