Welke fiscale regelingen passen bij mijn maakbedrijf?
Maakbedrijven draaien op kapitaalintensieve investeringen: machines, mallen, productieapparatuur. De belangrijkste fiscale knoppen zijn de WBSO voor R&D-uren (32% loonkostenaftrek tot €380.000, daarna 16%), de EIA voor energiezuinige apparatuur (45,5% investeringsaftrek op aanschaf vanaf €2.500) en de KIA voor bedrijfsmiddelen tot €334.727. Kleinere bedrijven profiteren vaak meteen van KIA bij elke machinekoop, grotere productieorganisaties combineren EIA met WBSO als ze ook innoveren.
Daarnaast bestaat de MIA (Milieu-investeringsaftrek, tot 36% extra aftrek) en VAMIL (willekeurige afschrijving 75% in jaar één) voor productiemiddelen op de Milieulijst. Een CNC-freesmachine of spuitgietpers die op die lijst staat, levert direct cashflow-voordeel. VAMIL is ideaal als je snel winst wil dempen; MIA als je structureel fiscale last wil verlagen.
- WBSO: 32% korting op loonkosten R&D-uren, aanvraag via RVO per kwartaal
- EIA: 45,5% investeringsaftrek op energiezuinige machines (≥€2.500), aanvraag vóór aanschaf
- KIA: automatische aftrek tot 28% op bedrijfsmiddelen, werkt via aangifte vennootschapsbelasting
- MIA/VAMIL: tot 36% extra aftrek + versnelde afschrijving voor duurzame productiemiddelen op Milieulijst